SMARTELINGEN

‘Ik heb een autoriteit gevonden’, roept Walter nadat hij het cafe binnenkomt.
Pierre zit achter de bar en bestelt bier.
‘Werkelijk? Vertel.’
De ogen van Walter fonkelen.
‘Na die mislukte pogingen met documentaires over klimaatleugens en onnodige plandemie gaat het ons nu lukken heel veel mensen te bereiken, wedden? Het zit hem in de formulering. We moeten de woorden wakker en kritisch vermijden.’
Hij gaat naast Pierre zitten en begint zachter te praten.
‘Iemand met gezag die de sympathie van jong tot oud heeft. Dan glijdt de boodschap erin als zoete koek. Een schitterende manier om de ogen van mensen te openen. Wijzen we simpel op wat op dit moment gaande is. Zo kunnen we ongelooflijk veel mensen wakkerschudden uit de hypnose.’
‘Wacht even. Als je gelijk hebt moet dat snel, voordat die volledige controle niet meer teruggedraaid kan worden.’
Eddy, de barkeeper groet ons en zet twee glazen bier neer.
‘Heb je bezwaar tegen een verkleedpartij?’ vraagt Walter aan hem.
Pierre pakt een glas en kijkt in het grijnzende gezicht van de barkeeper.
‘Ik ben dol op verkleden.’

In een kleedkamer van de Leidse Schouwburg werpt Pierre een laatste blik in de spiegel. Het kleurrijke kostuum met de pofbroek ziet er schitterend uit. Het zwart op zijn gezicht heeft hem onherkenbaar gemaakt. Door de intercom wordt Zwarte Piet verzocht naar het podium te komen. Pierre grijnst en pakt de roede. Knap dat Walter het heeft versierd deze persconferentie rechtstreeks op de televisie te krijgen. Gratis zendtijd om een belangrijke mededeling te doen.
Op het toneel is het doek nog dicht, een lege troon staat in het midden. Pierre kijkt omhoog naar Walter die op een trapeze zit. Met een hand houdt hij de mijter vast. De floormanager staat tussen de coulissen en geeft een teken dat de uitzending begint. Achter het gordijn, in de zaal klinkt ineens Dag Sinterklaasje, da-ag, gezongen door kinderkoor De Leidse Sleuteltjes. Direct nadat het doek opengaat zakt Walter achter een glazen scherm langzaam naar beneden.

Het grote applaus wordt plotseling overstemd door rumoer achter in de zaal. Een gemaskerd persoon met een pistool rent naar het toneel. Voordat hij wordt overmand lukt het de indringer te schieten in de richting van de Sint. De kogel ketst af op het veiligheidsglas. Alle aanwezigen halen opgelucht adem wanneer de gemaskerde wordt afgevoerd. Met de goed heilig man is gelukkig niets gebeurd.
Zodra het stil wordt neemt Walter het woord. Hij richt zich afwisselend tot de zaal en tot de kijkers thuis.
‘Jullie merken wat er gebeurt als je iets gelooft wat niet bestaat.’
Het wordt doodstil in de zaal en op het balkon, niemand begrijpt wat de Sint bedoelt.

Terwijl het glazen scherm omhoog gaat klinkt krachtig de stem van Walter.
’Nep! Wat jullie zagen was niet echt! De gemaskerde man is een toneelspeler met een speelgoedpistool. De kogel tegen de ruit geen kogel maar een pepernoot! Niks kogelvrij glas. Geloof me lieve kindertjes, bijna dagelijks zien we dit soort nep nieuws op televisie. ’
Pierre zoekt naar Eddy in de zaal en ontdekt hem zoals afgesproken op de vierde rij: met bril en aangeplakte sik.
‘Illusie, fantasie’, vervolgt Walter, ‘jullie zien hoe eenvoudig het is jullie iets te laten geloven. Net als op beeld maar de werkelijkheid is meestal anders. Heeft iemand ooit dat killing virus echt gezien Piet? Ik bedoel dus niet dat prachtige computerplaatje.’
‘Nee Sinterklaas’, zegt Pierre, ‘niemand heeft dat’, daarna schudt hij heel lang het hoofd.
‘Jullie?’ vraagt Walter.
‘Nee!’, klinkt het massaal uit vele kinderkelen. Walter en Pierre wisselen een blik: de kop is eraf. Na deze opening scene zal de floormanager alleen nog de tijd aangeven. Het draaiboek vermeldt slechts PERSCONFERENTIE: vragen en antwoorden.

’Hoe weet je nu dat veel van wat je dagelijks ziet fake of nep is?’, werpt de Sint op.
Intussen haalt hij onder zijn mantel een chocoladeletter tevoorschijn, een M die hij omhoog houdt.
‘De M van moeten, mogen en manipuleren. Onthoud vooral dat laatste woord kinderen. Manipuleren. Zeg Piet, is dit een letter?’
‘Haha, een letter van chocolade, Sinterklaas, dat ziet iedereen. Lekker!.’
‘Weet je dat zeker Piet?’, de Sint gooit de letter omhoog en vangt hem weer op, ‘kijk, het is geen letter maar het cijfer 2.’
Op het toneel dwarrelen velletjes papier naar beneden. Walter grijpt er een. Zonder dat de Sint het ziet houdt Pierre de letter 2 verborgen op de rug.
‘Allemaal cijfers, cijfers en nog eens cijfers. Onderzoeken, tabellen, eindeloos, elke dag weer. Maar we hebben geen idee of die allemaal kloppen. Wat verberg jij op de rug Piet?’
‘Een… een…. twee, Sinterklaas.’
‘Chocolade natuurlijk. Laat eens zien!’
Langzaam komt de letter tevoorschijn die ineens een 4 blijkt te zijn. Het wordt stil in de zaal. Iemand achterin roept iets. Het is een familielid van Eddy die vraagt of de Sint gelooft of het klimaat gemanipuleerd wordt. Het duurt even voor de Sint antwoord geeft.

‘Manipulatie is voortdurend, overal. Dagelijks in de media. Neem het weer, dat is iets anders dan het klimaat. Er wordt al heel lang gerommeld met het weer, met wolken, het maken van regen, de zonneschijn. ….vergeet niet dat de maan ook jaarlijks op mijn verjaardag door de bomen moet schijnen! En op 30 april hoort een oranje zonnetje er altijd bij’, gelach klinkt uit de zaal, ‘waarom komt Sinterklaas op dit moment, in de zomer helemaal uit Spanje?’
Pierre neemt naast Walters zetel een stoere houding aan.
‘Mijn Pieten nemen mij als oude man voortdurend in de maling. Geen probleem. We houden van spelletjes. Van die oergezellige dan. Helaas, Pim Pam Piet zien ze de kinderen niet meer spelen.’
Eddy reageert op Pierre’s knipoog en roept:
‘Heeft uw komst iets te maken met de terugkerende discussie over het zwart van de ….. ?’
Walter schraapt zijn keel en onderbreekt hem.
‘Ach, die kul, dat gedoe. Die beledigingen onze kant op moeten een keer stoppen. Waar bemoeien mensen zich mee? De Sint is zelf vroeger slaaf geweest, hij spreekt uit ervaring. En kom niet aan die zwarte jongens. Ze zijn in dienst van de Sint. Allemaal zwarte jongens solliciteerden. Ze spelen mee in ons historisch theaterspel. Als iemand mijn baard te wit vindt dan is dat jammer. Een schimmel is nou eenmaal niet zwart. Stel dat een lolbroek ineens donkere stippen en vegen op mijn blanke billen wil zetten?’, opnieuw klinkt gelach, ‘nee, mijn komst heeft een totaal andere reden. En die is veel, veel belangrijker.’

Pierre gaat op de grond zitten met gekruiste benen en kijkt schuin omhoog naar Walter.
‘Waarom deze conferentie?’, de Sint houdt in beide handen twee smartphones op, ‘welnu, vanwege deze draadloze dingen. Ooit waren er telefoons. Handig om met iemand te kunnen praten op afstand. Ze vervingen de postduiven. Nu heten ze smart en kunnen van alles. Makkelijk, zeggen mijn Pieten die verkopers napraten. Ik zeg: het zijn niet alleen handige apparaten waarop je spelletjes speelt, maar waar achter onzichtbaar gevaarlijke mensen zitten die je tot super slaaf maken zonder dat je daar erg in hebt. Want aan de andere kant van die wifi verbindingen weten mensen alles van je en verdienen zo heel, heel, heel veel. Ze laten ook van alles op je af sturen waar je niet om gevraagd hebt. Of snijden een verbinding af. Als dat zo doorgaat ….. dan word je dag en nacht in de gaten gehouden! Voor altijd gecontroleerd. Da ben je volledig in hun macht. Super slaaf in hun systeem. Ze kunnen dan met je doen wat ze willen. Zelfs je gedachten sturen.’
Pierre kijkt weer naar Eddy die direct reageert.
‘Wat is er tegen het spelen van spelletjes op de telefoon Sinterklaas, dat doen we toch allemaal graag?
‘Overbodige vraag. Zoals ik al zei jongeman, spelletjes doen, leuk. Daar gaat het nu niet om.’
‘Waarom dan wel?, vraagt Eddy door en vervolgt snel, ‘onderzoek heeft uitgewezen dat spelen van gamers juist goed is voor de hersenen van kinderen!’
‘Ach zo. Als journalist bent u dus al via manipulaties gehersenspoeld, omgekocht, gechanteerd of gewoon onwetend. Misschien denk je nooit na. Weet je wie dat onderzoek betaalde? Wat denk je? Die spelletjesmakers zelf?’ Er volgt een pijnlijke stilte.

‘Kijk,’ zegt Walter, ‘we leven in een tijd van aannames, van wat allemaal zou kunnen, van speculaas.’
‘Speculatie Sinterklaas!’
‘Ja ja, dat zei ik Piet. Je moet niet alles geloven wat die mensen uit dat superrijke BBB groepje zeggen. Ze vinden zichzelf vooral superslim. Zij willen ons voor altijd de mond snoeren en dwingen dat we met de smartphones zelfs in bed leven. Later frommelen ze een chip onder je kleren of iets kleins in je lichaam. Nee! stoppen! Straks zijn we alles kwijt en denken machines voor ons. Dan zeggen zij dat we slim zijn. Ja, ja. Ze beloven groene vinkjes. Ja, ja. Weggooien dat smartel tuig. Terug naar de echte natuur.’
Pierre knikt en staat op. Walter werpt beide phones in de lucht waar ze transformeren en als witte duiven rondjes vliegen om vervolgens te verdwijnen in de coulissen.
‘Stoppen!!’, brult Pierre en zwaait dreigend met de roede naar alle kanten.
‘Ja goed zo Piet, die smartelingen liegen en bedriegen erop los: ze zijn bezig alles en iedereen te manipuleren. Met bangmakerij maar ook met prachtige praatjes, spelletjes en filmpjes om mensen te verleiden.’ Eddy vraagt:
‘Denkt u echt dat ze ons dag en nacht gaan controleren Sinterklaas?’
‘Natuurlijk jongeman. Van maskers voor je mond tot nooit meer chocolade letters eten als zij dat bevelen! Alles zogenaamd voor gezondheid en veiligheid. Daarom komt Sinterklaas niet alleen op voor de kinderen maar voor iedereen. Die mooie Big Bad Boys praatjes vullen geen gaatjes…… geloof ze dus niet! Blijf zelf smart! Dat wil jij ook Piet? En jullie in de zaal?’
Pierre knikt overdreven en de kinderen in de zaal zorgen voor massale steun. ‘Wie bedoelt u met die big bad boys?’ vraagt iemand met een notitieblok in de hand. ‘Dat groepje waar mensen van grote wereldbedrijven inzitten en ook bankiers. Maar ….. Sinterklaas is en blijft een mens die alles zelf wil doen, samen met zijn Pieten. Niks smartphones en XYZ codes. Niks raars onder mijn rokken of mijn lichaam in. Stel je voor: op een dag gaan zij Sinterklaas vervangen door een virtuele Sint! Niks daarvan.’

Pierre ziet dat de tijd van de tv uitzending er bijna opzit. De floormanager is nergens te bekennen.
’Denkt u Sinterklaas, dat u alles beter weet?’ roept iemand vanuit de zaal.
‘Niemand, niemand in de wereld kan zeggen: ik heb de wijsheid in pacht. Ook jij niet Piet. Laat je nooit iets wijsmaken. Oefen dagelijks met Pim Pam Piet je hersens. Laat onderzoek niet over aan die onzichtbare zichzelf noemende slimme Big Bad Boys die alle vrijheid van je afpakken en die van jou een schaap, een digitale slaaf, een nummer, een product willen maken!’
Het is heel stil geworden in de zaal. Plotseling klinkt de stem van een kleine jongen: ‘Sinterklaas, wanneer krijgen we nu de chocoladeletter die beloofd is?’
Tijdens een explosieve lach die volgt haalt Pierre de letter vier tevoorschijn die toch weer een M blijkt te zijn. Sinterklaas wenkt. De jongen neemt de letter in ontvangst terwijl het koor Dag Sinterklaasje da-ag zingt. Alle kinderen krijgen de letter M, de duiven vliegen over het toneel en het doek valt. In de zaal regent het pepernoten.

Walter, Eddy en Pierre vallen in de kleedkamer vermoeid maar gelukkig in elkaars armen.
‘Geweldig, prachtig verhaal en ijzersterk jouw familie Eddy, allemaal geboren acteurs. Walter, jij moet goochelaar van beroep worden.’ Walter puft:
‘Heerlijk dat onze boodschap via de televisie gigantisch veel mensen heeft bereikt’.
De floormanager komt glimlachend binnenlopen.
‘Ik wilde jullie show niet onderbreken maar vrij snel na die in scene gezette schietpartij kregen we te maken met een langdurige technische storing waardoor de kijkers de rest hebben moeten missen.’
Monden vallen open. Het drietal staat geheel verslagen aan de grond genageld. Daarna vallen ze slap in een stoel.

Joop Brussee

1 juni 2020

lees hier wat aan deze persconferentie vooraf ging.

p+w

info