PRIK

Afscheid zonder bewijs

Het begon na het openen van de brief van de zorg verzekering. Ze moest erbij gaan zitten van de schrik. De declaratie van de apotheek was niet misselijk. Naast de crème voor haar lippen die al hoog geprijsd was vond ze, stond een flink bedrag voor advies.
Ze legde de papieren op tafel en keek naar buiten waar de bladeren van de bomen in het park rond het verzorgingscomplex naar beneden vielen. Ze dacht aan de brief over de jaarlijkse griepprik die ze de dag ervoor had gekregen.

Ik klopte op de deur en even later zat ik tegenover haar aan de ronde tafel. Verontwaardigd vertelde ze over de rekening van de apotheek. Ze zocht naar de bijsluiter en vroeg mij die voor te lezen. Bij de bijwerkingen knikte ze met haar hoofd.
‘Ik moet dus betalen voor het voordragen van dit verhaal bij de apotheek zonder dat mij verteld wordt dat ik daarvoor moet betalen!’
‘Tja, als ze hetzelfde……’
‘Dan is het nu afgelopen’, zei ze krachtig, ‘ik gooi in een keer al die medicijnen uit het kastje de vuilnisbak in.’
Verbaasd keek ik haar aan. Afgezien dat het zomaar weggooien van medicijnen schadelijk kon zijn voor het milieu was het niet uitgesloten dat er iets bij was waar een rustige afbouw dringend werd aangeraden. Maar, ik had geen idee wat ze allemaal slikte.
‘Luister…’
‘De laatste tijd heb ik zoveel gelezen over gezond leven dat ik vanaf nu alleen nog maar een homeopathische aanvulling wil.’
‘Hier….’
‘Genoeg verhalen van andere mensen in dit huis gehoord. De meesten zijn verder heen dan ik. Ik mag blij zijn dat ik mijn gezonde verstand nog kan gebruiken.’
Ik glimlachte. Het had geen zin tegen haar in te gaan. Als kind hoorde ik dat ze aan bezoekers vertelde dat ik een eigenwijs kind was. Dat als ik iets in mijn hoofd had, het niet in mijn kont zat. Die eigenschap kwam ongetwijfeld van haar.

In de jaren die volgden ging het steeds beter met haar gezondheid. Weliswaar werd ze heel oud maar de scherpte in haar denken nam nauwelijks af. Ze was trots op de ingeslagen weg van zelf weten wat gezond is en adviseerde mij nogal dwingend wat te eten en welke biologische producten te kopen.
Ze deed haar best om zoveel mogelijk te wandelen, te bewegen. Dat enthousiasme werd een keer getemperd: ze kwam na een val in het ziekenhuis terecht.
Bij een bezoek zag ik medicijnen staan op het kastje naast haar bed. Dat ontging haar niet. Met een ondeugende schittering in haar ogen en op gedempte toon vertelde ze dat ze die natuurlijk niet slikte. Ze demonstreerde hoe ze op de vraag van het zorgpersoneel had gereageerd.
‘Kijk, zei ik tegen de zuster, ziet u wel? Ik doe de pillen in mijn mond en spoel ze weg met water. Precies wat de bedoeling is.’
Ze demonstreerde tegelijk hoe ze ogenschijnlijk de pillen in haar mond deed. Het zag eruit als een goocheltruc die ik niet beter had kunnen uitvoeren.
‘Later gaan ze in een servetje, weg met de etensresten.’
Glimlachend schudde ik mijn hoofd en zag hoe ze haar hoofd knikte, alsof ze zei: ik doe nog steeds wat ik wil doen.

Opnieuw gingen er jaren voorbij. Haar geest bleef helder. Lichamelijk ging het moeizamer. Ze bleef trots dat ze haar eigen arts was geworden. Iets dat in het verzorgingshuis niet met dank werd afgenomen. Zeker niet omdat ze haar kritische houding ten aanzien van medicamenten aan iedereen die het maar wilde horen uiteen zette. Als een missie.
Elk jaar adviseerde ze ook om geen griepprik te halen. Trots kwam dan het verhaal hoe ze vroeger op het randje van de dood had gelegen bij de Spaanse griep. Dat ze niets moest hebben van zo’n prik. Dat haar lichaam prima in staat was om griepgolven aan te pakken mits je zelf zorgde voor voldoende vitaminen, mineralen en spoorelementen.
Bij het ouder worden werd vanuit het verzorgingshuis de druk op haar opgevoerd om de jaarlijkse vaccinatie te nemen. Haar weerstand ertegen hield op een dag geen stand meer. Ze capituleerde.

Mijn broer belde mij enige tijd later op.
‘Moeder is overleden.’

Joop Brussee

januari 2021

[home] [verhalen]